Ik kwam pas verder toen ik stopte (2/2)

(vervolg van deel 1)

Groen

De tram is al klaar om te gaan rijden. Aan de andere kant van de kruising staat een bus al met de motor voor te gloeien als de Formule 1-rijder Verstappen. Links voor mij staan een paar taxi’s met hun knipperlicht al aan, klaar om mij aan te rijden. Ik kijk gespannen naar het rode licht alsof ik in de finale sta van de 100 meter op de Olympische Spelen hopende op een topstart. Het lijkt meer de Paralympics besef ik mij dan. Dan wordt het groen! Als een gazelle zet ik mijn ‘sprint’ in. Ze hebben stiekem obstakels neergezet! Het begint met een gigantische bobbel in het wegdek. Soepel glijd ik daar omheen. En dan de eerste tramrail. Ik besluit daar met behulp van mijn wandelstok overheen te ‘springen’. Uitkijken dat ik hem niet in de rail zet want ik heb hem broodnodig!

Hordenloop

Er komen allemaal voetgangers van de andere kant, maar ik wijk niet uit en kijk geconcentreerd naar beneden. Hopla, de tweede rail al, dat gaat lekker vlot. Weer een bobbel vlak naast de derde rail, ik stop even, eerst kijken hoe ik dat nu weer doe. De tikker van het voetgangerslicht verraadt mij dat het licht al op rood gaat. De tram trekt tergend langzaam op alsof hij straks een wedstrijdje met me doet. Wat is dat ding van voren groot! Of ik klein. Ik doe van ‘ohmmmmmm’, maar het is al te laat.

Spasme

De moeder van alle spasmes, zo erg dat mijn voet denkbeeldig zo scheef wil staan dat mijn EVO (enkelvoetorthese) bij al dat geweld dreigt te knappen. Dat de bus aan de andere kant van de kruising ook optrekt doet dat ook geen goed. Ik sta daar, onbeholpen ‘ohmmmm’ te zeggen, met mijn verlamde voet iets omhoog, als een ooievaar met een wandelstok. Wat moet ik nu doen! De tram, bus en taxi’s gaan mij vermorzelen en ik doe een schietgebedje.

Ervaring

En dat helpt. Opkijkend naar de trambestuurder zie ik een aardige oudere man gebaren dat ik rustig mag blijven staan tot het over is. Die heeft wel gekker meegemaakt. Aan de andere kant zet de buschauffeur zijn bus kalm stil, midden op de kruising nog wel. Hij is van hetzelfde soort als zijn collega. De tram en de bus beschermen mij tegen de boze buitenwereld (lees: auto’s). En zo strompel ik naar het einde. Er bestaan toch nog aardige mensen! En even later zit ik mijn latte macchiato te drinken, moed te verzamelen om weer het kruispunt over te steken, met een positieve ervaring in mijn achterzak.

Tekst gecorrigeerd door Suzanne Rietveld

Wil je deze blog automatisch in je mailbox vinden, abonneer je dan hier

P.S.: Heb jij ook zoiets meegemaakt en wil je daar over vertellen? Zeg het dan hieronder en laat ons ook genieten van dat succesje.