Net als in de film …

“It always seems impossible, until it is done”, bijna klikte ik dit Facebook bericht weg. Het zoveelste plaatje met een ‘motiverende spreuk’. Van mij hoeft het niet. Uit mijn ooghoek zie ik de auteur: Nelson Mandela. In gedachten ben ik terug op het Leidseplein, zondag 11 februari 1990. Op een groot scherm zag ik daar Nelson Mandela na 27 jaar (langer dan ik toen leefde) de gevangenis uitlopen. Zelden voelde ik in zo’n grote mensenmassa zo’n intens gedeelde vreugde.

Leuke jongen

Daarna snel op mijn fiets door de stad gesjeesd om op tijd bij de Apollohal te zijn. Ik liep stage als jongerenwerker op een project in samenwerking met het sportbuurtwerk. Daar werkten twee sportbuurtwerkers en die ene, die rooie die vond ik wel heel erg leuk, maar mij zag hij vast niet staan. Aan het eind van de avond gingen we nog wat drinken. Ik vertelde vrolijk wat ik die week geleerd had bij zelfverdediging. Inclusief een live demonstratie van de trap op de knie, ook een manier om verkering te krijgen.

Saai beleidsstuk

We verloren elkaar uit het oog, maar (bleek later) niet uit het hart. Toen internet eenmaal onderdeel van mijn dagelijks leven was, typte ik zijn naam wel eens in Netscape, Opera en de laatste jaren Google. Behalve een saai beleidsstuk met zijn naam nooit iets gevonden. Ik weet nu dat ook hij af en toe mijn naam in Google typte. Ik woonde echter in Australië en had een andere achternaam, dus ook zijn zoektocht had weinig succes.

Nieuwsgierig aagje

Op een dag raakten we toch weer in contact. Ik zie ons nog zitten, samen een bakkie doen en even bijpraten. Twintig jaar bijpraten? Dat ging zelfs mij te ver. Ik wilde het over het hier en nu hebben. “Voel je dit?” vroeg ik terwijl ik zijn arm aanraakte. “Ja, ik voel nog alles.” “Mag ik dit doen?” terwijl ik zijn arm vastpakte en optilde. Wat kan je nog wel? Spier in schouder aanspannen. En je been, hoe verlamd ben je daar? Vol geduld gaf Siemon uitleg op al mijn nieuwsgierige vragen.

Autorijden

In het begin keek ik mijn ogen uit, bioscoop uitjes waren niet nodig. Autorijden met één hand, hoe doet hij dat? En uien snijden? Bij het koken keek ik hem vaak op de vingers. Niet als irritante vrouw die eigenlijk geen man in de keuken duldt, maar compleet gefascineerd. Gelukkig heeft Siemon van veel dingen die hij met één hand doet filmpjes gemaakt, zodat iedereen nu ongegeneerd naar hem kan staren. Ik doe het al lang niet meer. Vergeet vaak dat hij dingen met één hand doet. Als het me dan weer te binnen schiet, voel ik bewondering.

Puur lef

Er is de afgelopen vier jaar veel veranderd. Siemon spreekt een stuk beter. Volgens hem mijn schuld, omdat ik niet alleen ongelooflijk veel praat (lijkt me handig voor hem), maar ook heel veel vragen stel en dan moet hij dus wel praten. Hij geeft nu zelfs lezingen.

Ik zie ook nog voor me hoe hij van de bank naar het aanrecht (mijn huis is hèèèèèèl klein) met zijn stok liep. En mijn grote verbazing toen hij een kopje naar de keuken bracht. Dat het even duurde voor het tot me doordrong dat hij zonder stok door de kamer liep. Tegenwoordig laat hij als het even kan zijn stok in de auto. Loopt hij daar zomaar los over straat en in het bijzonder mijn schuine tuinpad op. Lichamelijk trad er geen verbetering op. Het is puur lef dat Siemon steeds een stapje (letterlijk) verder gaat. En ik ook, op een andere manier, ga door Siemon steeds een stukje verder.

Peuter puber

Het ging niet altijd vanzelf. De eerste keer dat ik koffie wilde zetten, zei hij geïrriteerd: “Dat kan ik zelf wel”. Ik vroeg hem of hij ook zo zou reageren als hij niet gehandicapt was. Schold hem uit voor peuter puber met zijn ‘zelluf doen’. Mantelzorger ben ik nooit geworden. Siemon kan verbluffend veel zelf met één hand (vooral heel lekker koken) en heeft een paar uur hulp in de huishouding. Net als in elke relatie staan we voor elkaar, helpen we elkaar, doen we dingen die de ander niet kan of spannend vindt, maar dat is wat anders dan mantelzorg.

Dolle pret

De eerste keer dat ik een wat botte grap maakte over zijn handicap, schrok ik van mezelf. Wat had ik er nou toch uitgeflapt? Siemon moest gelukkig heel hard lachen. Hij gaf aan dat hij blij is dat ik hem serieus neem als persoon en niet te veel aandacht aan zijn handicap schenk. Soms lig ik helemaal in een deuk om mijzelf (ik ben een beetje simpel) bijvoorbeeld als ik mijn hand in die van Siemon leg en hij me stevig vastpakt. Dat ik dan helemaal verbaasd ben, voor ik door heb dat ik zijn goede hand pakte…

Net als in de film…

Je ziet wel eens zo’n koppel op TV of leest er over in een tijdschrift (ik ben dol op tijdschriften). Jeugdliefdes die elkaar na 40 jaar weer terugvinden. Gelukkig vonden wij elkaar al na 20 jaar terug, hebben we een stuk langer om nog samen te genieten.

—–

Petra Fisher - weerhandigPetra Fisher is de partner van Siemon. Zij woont samen met haar puberdochter en grote, rode je-weet-wel kater. Voor de kost geeft zij LinkedIn trainingen en voor de lol doet zij aan lezen, boeken bespreken met haar expat bookclub vrienden, en rondreizen door Thailand (of hiervan dromen als het geld op is). Petra voelt zich in Nederland soms meer expat dan zij zich ooit voelde in de 10 jaar dat zij in Australië woonde. Om niet te veel een computer en boeken nerd te zijn pakt zij af en toe een vrolijk haakwerkje ter hand.